Asieltragiek : kwetsbaar op weg door een labyrint

Wie gewend is aan een leven in Nederland zal moeilijk kunnen invoelen wat het betekent om ergens te wonen, te proberen om een bestaan te onderhouden onder omstandigheden van voortdurende onderdrukking of gevaar. De wereld kent vele oorden waar overheden er niet in slagen hun burgers te beschermen. Op bereisbare afstand, zo blijkt. De Europese Unie ziet zich geconfronteerd met een omvangrijke stroom vluchtelingen, afkomstig uit de continenten ten oosten en zuiden van Europa. Migratie is zo oud als de mens en kent door de hele geschiedenis heen pieken en dalen.

‘Publieke gezondheid, dat doen we al jaren, maar crisisopvang was nieuw’ : In gesprek met René Stumpel, arts en directeur publieke gezondheid bij GGD GHOR

De werkkamer bevindt zich deze keer binnen het kantoor van GGD GHOR Nederland in Utrecht. Hier treffen we René Stumpel: arts en ruim 20 jaar werkzaam bij de GGD Gooi en Vechtstreek, op dit moment als directeur publieke gezondheid, maar ook nog steeds als forensisch geneeskundige. Daarvoor verzorgde hij onderwijs voor GGD artsen. Al met al is hij meer dan 30 jaar actief op het snijvlak van publieke gezondheid en calamiteiten. Het gesprek voert via ervaringen tijdens het werk die indruk op hem hebben gemaakt, naar zijn affiniteit – en ook ambities – met de psychosociale hulp bij rampen.

Psychosociaal Ondersteuningspunt Vluchtelingen : Kennis en expertise kanaliseren en verspreiden

Met de huidige omvangrijke instroom van vluchtelingen ontstaat een groeiende behoefte aan kennis bij organisaties die direct of indirect te maken krijgen met deze groep. Zorgverleners maar ook scholen en gemeentes zien zich geconfronteerd met vragen rond crisisopvang, verwijsen behandelmogelijkheden voor vluchtelingen. om de huidige structuren voor opvang en gezondheidszorg te versterken en kennis te ontsluiten voor het veld, heeft Arq psychotrauma expertgroep het psychosociaal ondersteuningspunt Vluchtelingen (poV) opgericht.

It ain’t necessarily so : Labels van vluchtelingen in de geestelijke gezondheidszorg

Over de geestelijke gezondheidszorg aan vluchtelingen bestaan nogal wat aannames en opvattingen die de complexe werkelijkheid niet altijd recht doen. Het achterhalen van wat precies de problematiek van vluchtelingen is en welke zorg ze behoeven, is ook een lastig proces. Het risico bestaat dat te snel een bepaalde diagnose wordt gesteld of specifieke behandeling wordt gestart – of juist wordt onthouden. In deze bijdrage bespreekt Jackie June ter Heide vijf stereotype labels voor hulpzoekende vluchtelingen in het licht van wetenschappelijk onderzoek.

‘Verwerken betekent niet dat je iets kwijtraakt’ : Hoogleraar Rolf Kleber over 35 jaar psychotraumatologie

‘Het beste wat je na een schokkende ervaring kunt doen, is mensen helpen om zo snel mogelijk terug te gaan naar hun dagelijks leven. Bied structuur, steun en informatie. Ga niet gelijk behandelen.’ Aldus hoogleraar psychotraumatologie Rolf Kleber. Hij gaat in december met emeritaat. Cogiscope grijpt het moment aan om terug te blikken op de ontwikkeling van de psychotraumatologie in de afgelopen 35 jaar.

‘Als behandelaar word je een coach die over technische hulpmiddelen beschikt om iemand weer grip te geven op het dagelijks leven’ : GZ-psycholoog en klinisch psycholoog in opleiding Tim Wind

Minister Edith Schippers van Volksgezondheid wil dat de mogelijkheden van e-health beter worden benut. De minister ziet nieuwe technologieën waardoor zorg op afstand geboden kan worden en waar mensen veel baat bij kunnen hebben. Toch signaleert Schippers dat brede implementatie nog vaak achterblijft. Hoe zit dit bij een specialistische GGZ-instelling als Stichting Centrum ’45? Ziet deze instelling de voordelen van het gebruik van e-health? En, als dat zo is, maakt Centrum ’45 er ook al gebruik van? Cogiscope sprak met Tim Wind, klinisch psycholoog i.o.

Evidentie voor de effectiviteit van e-health – veelbelovend maar geen one size fits all

E-health speelt een steeds belangrijker rol in de GGZ. Maar zijn e-health interventies wel effectief in het reduceren van gezondheidsklachten of het verbeteren van de kwaliteit van leven? En, zo ja: is e-health dan ook net zo effectief als een face-to-face interventie? De app-ontwikkelingen volgen elkaar in razend tempo op, maar de wetenschap is traag, zo is vaak de kritiek. Niettemin zal een ieder beamen dat uiteindelijk alleen bewezen effectieve e-health producten op de markt zouden moeten komen.

Zorgaanbieders en cliënten ontwikkelen samen e-health : Unieke e-health ontwikkeling voor PTSS

Gekscherend zou je kunnen zeggen dat het met het gebruik van e-health in de GGZ is als met ‘de wereldvrede’: een eeuwige belofte, waar veel over gesproken wordt, congressen over worden georganiseerd, waar niemand op tegen kan zijn, maar waar de realisatie ver achter blijft bij de verwachtingen en de mogelijkheden. Maar het kan ook anders. Hoe? Bijvoorbeeld door middel van cocreatie: als je een product ontwikkelt in samenwerking met cliënten én behandelaren is de kans groter dat het niet ‘op de plank’ blijft liggen.

Een digitale kameleon voor psychosociale hulp : Ontwikkeling Europees prototype ondersteuningssysteem voor psychosociale hulp bij crises

De psychosociale hulp bij rampen en crises in Europa is niet constant en ook niet overal conform de norm. De hoeveelheid richtlijnen, aanbevelingen, modellen, hulpmiddelen en instrumenten is enorm en bovendien breed verspreid. Dat vraagt om een praktische oplossing, betogen de auteurs van dit artikel. Relevante kennis moet worden samengebracht en gericht per doelgroep worden ontsloten. Het EU project ‘operationalising psychosocial care in crises’ (OPSIC) voorziet in een belangrijke vooruitgang.

Het is precies wat u zegt : E-health en diagnose in de GGZ

De Universiteit Twente (UT) heeft in samenwerking met diverse partners, waar onder de Militaire geestelijke gezondheidzorg (MggZ) en Arq psychotrauma expert groep, een instrument ontwikkeld waardoor het categoriseren van klachten na een traumatiserende gebeurtenis door een computer mogelijk bleek. De computer bleek verrassend goed te zijn in het diagnosticeren van een posttraumatische stress stoornis op basis van een bescheiden hoeveelheid tekst van een patiënt. in deze bijdrage wordt het belang van de ontwikkelde online tool belicht.

Pagina's