Doorziekende terreur: Oorlogsgetroffenen vanuit het dubbele perspectief van huisarts en lotgenoot

Oorlogsgetroffenen is een arbitraire term. Slachtoffers van systematische nazi-vervolgingen en van de Japanse kampen, oud-verzetsstrij-ders. en militaire en burgerslachtoffers van de krijgshandelingen in engere zin werden er eerst onder begrepen. In het, later ontstane, besef dat de trauma’s meestal niet in een enkele generatie zijn uitgerimpeld. ging men ook doelen op nakomelingen van de genoemde groepen. Nog weer later kwam er aandacht voor de problemen van kinderen van ‘foute’ ouders.

De conspiracy of silence en de kinderen van de oorlog

Het dagboek van Anne Frank kreeg wereldwijde bekendheid door de verfilming en het toneelstuk. Aan het einde van hei toneelstuk werd een toevoeging gemaakt. Men kon de stem van Anne Frank horen zeggen: ‘In spite of everything, 1 still believe that people are really good at heart.' Wellicht geldt deze uitspraak voor het kind Anne Frank. Wie zich voorstelt dat Anne Frank de oorlog zou hebben overleefd, zal zich terecht afvragen of ze dit later ooit gezegd zou hebben. Ik betwijfel het. Bruno Bettelheim noemt het een falsificatie.

Over psychotherapie en trauma

 

Introductie van de heer A.

Aan de hand van de geschiedenis van een van mijn patiënten, de heer A, wil ik kort het proces schetsen hoe een psychotherapeutische behandeling van ernstig getraumatiseerde mensen kan verlopen. Mijnheer A, geboren in 1930, meldde zich ongeveer anderhalf jaar geleden bij onze instelling aan, met als klacht angstdromen en het zich zoals hij zelf zegt, Voortdurend bezig moeten houden met wat ik in de Tweede Wereldoorlog heb meegemaakt’.

Van overleven naar eigenlijk leven

 

Inleiding

Dat ik deze bijdrage lever en therapeutisch werk doe heeft in wezen te maken met de ambachtelijke wijsheid van een mens, van een goed luisteraar met een scherp oor en oog, die eigenlijk niets anders deed dan onvoorwaardelijk, respectvol en nieuwsgierig, met compassie samen zoekend en niet het ‘allemaal-al-wetend’ naar mij luisterde. Die geloofde in de gezondheid van mijn veiligheidssysteem en ook in mijn vermogen mijn leven zelf ter hand te nemen.

Een stukje voorgeschiedenis

Gevolgen voor de naoorlogse generatie

Inleiding

Enige tijd geleden interviewde ik een joodse man die een der concentratiekampen had overleefd. Zijn kinderen hadden tegen zijn vrouw en hem gezegd: ‘Gezien wat jullie hebben meegemaakt, hebben jullie het goed gedaan met ons. Jullie hebben ons noch dingen verzwegen, noch altijd maar volgestopt met die oorlog.’ Hij was erg blij met deze opmerking, want hij maakte eruit op dat zijn vrouw en hij er in geslaagd waren om met het praten over de oorlog een goede middenweg te vinden.

Het verwerkingsproces

Kind-overlevenden - over kinderen in oorlog en daarna

Inleiding

Er bestaat pas sinds de jaren tachtig aandacht in de sociale wetenschappen voor de gevolgen van oorlogsgeweld bij kinderen. Voor het eerst werd hardop uitgesproken dat kinderen die gezien hadden hoe bombardementen gebouwen verwoestten, hoe vader of moeder, broertje of zusje of een vriendje of vriendinnetje getroffen werd door granaten en beschietingen, nog lange tijd slecht sliepen, slecht aten en slecht in staat waren zich te concentreren op school. (Zie bij voorbeeld publikaties van Hans Keilson, Lenore Terr en Robert Pynoos en collega’s.)

Breuklijnen in gezinnen van verzetsdeelnemers : Voordracht voor kinderen van verzetsdeelnemers

Inleiding

Tegenover mij zit een jonge vrouw in de spreekkamer. Zij is in psychotherapeutische behandeling. Ik noem haar Els. Zij is de oudste uit een gezin met drie kinderen, allen na de oorlog geboren. Vader zat in het verzet maar werd opgepakt en kwam als een wrak terug uit Mauthausen. We hebben een aantal zittingen besteed aan haar gevoel niet gezien te worden, er niet bij te horen, de verhouding tot haar ouders, loyaliteit en het niet voelen van boosheid, waar zo te horen wel reden toe is.

Het is de achtste zitting. Het gaat over haar zuster.

Vergelding kent geen leeftijd : ‘Potgieterlaan 7; een herinnering’ van Sytze van der Zee

‘Het maakt geen verschil, NSB’er of NSB-kind, iedereen moet boeten, vergelding kent geen leeftijd’. In één zin maakt Sytze van der Zee, oud-hoofdredacteur van het Parool, in zijn autobiografische boek Potgieterlaan 7 de positie van NSB-kinderen duidelijk. Ook hij is een ‘NSB-jong’ dat evenals tienduizenden andere kinderen opgroeide in een gezin dat fout was. Van der Zee (1939) beschrijft op beeldende wijze de herinneringen aan zijn jeugd, waar de oorlog en de verkeerde politieke keuze van zijn ouders als een rode draad doorheen lopen.

Pagina's