Waarom praten met journalisten goed/slecht is voor slachtoffers : Mark Deuze over media-aandacht voor getraumatiseerden

 

We raken eraan gewend dat getroffenen van rampen vrijwel meteen na de ingrijpende gebeurtenis hun verhaal doen in de media of op Facebook en Youtube. Is zo’n snel podium heilzaam voor de verwerking van schokkende gebeurtenissen, of versterkt het juist de schok? Jeroen Knipscheer sprak met hoogleraar mediastudies Mark Deuze over de drang van slachtoffers om de media op te zoeken en over het effect hiervan.

 

Het nieuws wordt steeds persoonlijker en lijkt steeds meer om de ervaring te gaan; naast de feiten staat de beleving, de emotie, centraal. Dat blijkt ook uit toenemende aandacht voor ‘de mens achter het verhaal’ na een ramp of een crisis. Zoals Ferry Zandvliet, die de aanslag op de Parijse poptempel Bataclan overleefde en drie dagen later zijn verhaal deed bij RTL Late Night. Hij werd een veelgevraagd spreker in de media en op bijeenkomsten van professionals. Spreken over dergelijke heftige ervaringen in het openbare debat, wat doet dat met een getroffene?
‘Een mens heeft de sterke behoefte om zijn verhaal te doen, mensen willen nu eenmaal graag ‘gezien’ worden en delen graag hun persoonlijke leven met anderen’, zegt Mark Deuze. ‘Bleef dat delen van ervaringen vroeger beperkt tot een fotoalbum dat op verjaardagen van hand tot hand ging, tegenwoordig staat ieder kiekje meteen online en wordt het eigendom van platformen als Instagram, Twitter en Snapchat.
De verhouding tussen mens en media is anders dan wanneer je één op één met iemand communiceert. Tijdens persoonlijke interactie geef je zoveel meer signalen mee, dan bij een bericht op social media; je moet je verhaal meer vorm geven om een bepaalde indruk te wekken, vandaar het veelvuldige gebruik van netspeak (zoals ‘LOL’), emoticons en emoji. Je wilt je verhaal zo sterk mogelijk overbrengen dus articuleer je en zet je aan. Het kan zich dan ook tegen je keren omdat je te sterk aanzet, juist omdat je online je publiek niet kan zien en dus maar moet aannemen wie er allemaal meekijkt.’

De behoefte gezien te worden

Centraal in Deuzes werk staat de verhouding tussen het individu en de samenleving in media. Hij schreef het boek Leven in de media dat twee weken geleden verscheen.
Deuze: ‘Er zijn legio sociologische verklaringen waarom mensen graag in de schijnwerpers staan en hoe verslavend dat kan zijn, hoe lastig het is daar dan weerstand aan te bieden en hoe leeg je je daarna kunt voelen. Onze huidige mediacultuur stelt ons echter in staat om, los van journalisten, eerst ons eigen verhaal te doen. Er zijn talloze voorbeelden van groepblogs, online discussiegroepen en speciale websites waar je voor welk trauma of probleem dan ook steun en begrip kunt vinden. Dat is een bijzonder en mooi aspect van ons medialeven.’

 

Wat zijn consequenties van veelvuldige media exposure?

‘Mensen zijn kwetsbaar door wat ze hebben meegemaakt en dan is het fijn als er aandacht, steun en begrip is, dat men zich gehoord en gezien weet. Juist een van de meest heftige aspecten aan interpersoonlijk trauma is, dat je niet meer als mens gezien wordt, maar geobjectiveerd bent. Je bent een instrument dat de dader gebruikt om zijn doel te bereiken, zoals bij een gijzeling of een terroristische aanslag. Je bent ontmenselijkt. En dan doet media-aandacht het natuurlijk goed, je wordt weer gezien als mens.
Maar de media kunnen een monster zijn en alles uit je zuigen. De meeste mensen die door journalisten werden geïnterviewd, zijn later teleurgesteld over wat er van dat gesprek in het verhaal of de reportage terecht is gekomen. Als de media-aandacht dan uitdooft, kan de kwetsbaarheid juist toenemen.’

Hebben de media een verantwoordelijkheid om kwetsbare mensen tegen zichzelf in bescherming te nemen?

‘De valkuil voor getraumatiseerden is dat je na media exposure achterblijft met een leeg gevoel. De vraag is niet of de steeds grotere versmelting van media en leven goed of slecht voor ons is. De vraag is wat we met ons leven in media gaan doen. Natuurlijk hebben professionele journalisten de plicht om na te denken over wat ze doen en in welke zin ze iemand kunnen belasten. Maar het is de vraag hoe ze hun aandacht vormgeven. Daarnaast vertellen we tegenwoordig vooral ons levensverhaal op platformen als Facebook en Google, bedrijven die al dit persoonlijks vertalen in data die voor veel geld verhandeld worden. Deze bedrijven gaan niet bepaald transparant te werk en we hebben geen mogelijkheid om ze aan te spreken op het gebruik van onze verhalen. Belangrijk is om te realiseren dat we niet willoos aan media overgeleverd zijn, we verliezen niet door media onze eigenheid als mensen.’

Kun je beter zwijgen in de media na een schokkende ervaring?

‘Na een trauma kun je ook voordeel hebben als je je verhaal deelt in de media. Je ontdekt dat je onderdeel bent van een gemeenschap van getroffenen en belangstellenden en dat jouw verhaal ook bijdraagt aan het verwerken van ervaringen van anderen. Media maken het dus mogelijk voor mensen om te reflecteren op iemands ervaringen en verhalen. We moeten leren media te zien als gereedschap om samen mee te werken, in plaats van een prothese waar we individueel van afhankelijk zijn.
Dat is erg lastig en er zijn tal van emotionele valkuilen in ons mediagebruik. Juist daarom is het zo belangrijk dat er goed en creatief mediawijsheidsonderwijs komt, zowel in het primair als voortgezet onderwijs. In het nieuwe regeerakkoord wordt dit ook erkend, dat is een goede stap voorwaarts.’

Hoe moet je dan omgaan met journalisten na een schokkende ervaring?

‘Het is de kunst om los te komen van je verhaal en een statement te maken, dat je kan strijden voor de zaak die het persoonlijke overstijgt. Het lijkt er op dat mensen als Ferry Zandvliet en Arjan Erkel, slachtoffers van terrorisme en kidnapping, die ontwikkeling hebben doorgemaakt. Zij zetten als voormalige slachtoffers van geweld de media in voor een sociaal doel, de best mogelijke manier. Zij delen hun ervaringen met andere getroffenen zodat er meer begrip voor en een beter inzicht ontstaat in de gevolgen van schokkende gebeurtenissen. Het effect hiervan is dat er minder problemen ontstaan na schokkende gebeurtenissen, doordat die ervaringen beter verwerkt kunnen worden. Als dit inderdaad lukt, is dit bijzonder waardevol voor de samenleving.’

 

Personalia

Naam Mark Deuze

Geboren 19 juni 1969

Geboorteplaats Renkum

Beroep Hoogleraar mediastudies

Werkgever Universiteit van Amsterdam

Opleiding School voor de Journalistiek (Tilburg),

Geschiedenis en communicatiewetenschappen

(Vrije Universiteit van Amsterdam en Randse

Afrikaanse Universiteit)

Laatste boek Leven in de media

Referentie: 
Jeroen Knipscheer | 2017
In: Impact magazine, ISSN 1871-1065. | [1] | 4 | december | 9-11
https://oorlog.arq.org/sites/default/files/domain-50/documents/impact_magazine_2017-04_inhoud-50-15131604351376147151.pdf
Trefwoorden: 
getroffenen, media, psychotrauma, rampen, schokkende gebeurtenissen, Sociale media, verwerking
Affiliatie auteur(s):