Langdurig verzuim bij de Nederlandse politie

In april 2013 heeft TNO Integrale Veiligheid de opdracht verworven om in samenwerking met het Landelijk Programma Versterking Professionele Weerbaarheid van de Nationale Politie, op basis van een representatieve steekproef, de aard en omvang van het langdurig verzuim (binnen dit kader gedefinieerd als langer dan 3 maanden) binnen de politieorganisatie te beschrijven. De al doende opgedane inzichten kunnen vervolgens dienen als basis voor effectief beleid om dit verzuim structureel terug te dringen.

Vervolging, agressie en therapie

In 1963 zei Kurt Eissler: lDaar het trauma van het concentratiekamp het vergelijkbare en voorstelbare te boven gaat, ga ik ervan uit dat degenen die vele jaren in de schaduw van het kamp hebben moeten leven, verloren zijn en niet gered kunnen worden.’

Ontmoeting met de dood

Direct na de bevrijding werd er een overvloed aan materiaal over de concentratiekampen gepubliceerd. In al deze publikaties was het doel van de schrijvers de waarheid over de concentratiekampen aan het licht te brengen en het merendeel van deze artikelen fungeerde als aanklacht tegen de vervolger. Naarmate de jaren verstreken, kregen de schrijvers - vaak waren zij zelf ex-gevangenen - meer afstand tot het gebeurde en werden de artikelen objectiever en wetenschappelijker. Daarna volgde een periode waarin men de interesse voor het onderwerp verloren scheen te hebben.

Confrontatie met de dood

Direct na de bevrijding vond alles wat geschreven werd over concentratiekampen gretig aftrek. Sommige schrijvers probeerden al in het begin in hun werk tot enige sociologische en psychologische conclusies te komen. Het publiek verslond dit alles zonder kritiek. Maar weldra raakte men verzadigd. Financiële zorgen, vrees voor nieuwe wereldrampen, en vooral de desillusie over de naoorlogse verhoudingen stompten de mens af.

Appendix: diagnostische criteria voor posttraumatische stress-stoornissen

A.    De betrokkene is blootgesteld aan een traumatische ervaring waarbij

beide van de volgende van toepassing zijn:

1.    Betrokkene heeft ondervonden, is getuige geweest van of werd geconfronteerd met een of meer gebeurtenissen die een feitelijke of dreigende dood of een ernstige verwonding met zich meebrachten, of die een bedreiging vormden voor de fysieke integriteit van betrokkene of van anderen.

De jonge eerste generatie, vijftig jaar later

Inleiding

De vraag hoe het de jonge eerste generatie is vergaan en hoe deze er nu voor staat, is een vraag naar het welzijn van de generatie die als kind de oorlog heeft meegemaakt en thans tussen de vijftig en zeventig jaar oud is. Het gebruik van de term ‘jonge eerste generatie’ is gerechtvaardigd vanuit het idee dat de relatie tussen de traumatisering en de levensfase waarin deze plaatsvond van belang is voor de aard en omvang van de gevolgen.

Somatische signalen van traumatisering

De nomenclatuur van psychotraumatische stoornissen

Pages