Raadpleging voor de inzet van extra middelen voor de Indisch-Molukse gemeenschap

In 2015 besloot de staatssecretaris van het Ministerie van VWS te komen tot een collectieve erkenning van de Indisch-Molukse gemeenschap in Nederland. Het dient een erkenning te zijn voor wat de gemeenschap tijdens de oorlog in Nederlands-Indië en ook na aankomst in Nederland heeft meegemaakt. De collectieve erkenning van Indisch-Moluks Nederland is de ambitie om de Indische en Molukse identiteit in Nederland te waarderen en de ambitie het Indisch en Moluks erfgoed te verankeren in de Nederlandse samenleving.

De collectieve erkenning van de Indisch-Molukse gemeenschap kent drie gesubsidieerde pijlers, te weten:

- de Indische Pleisterplaats Sophiahof in Den Haag,
- herdenken en
- contextgebonden zorg.

Hiernaast bevat het programma een flexibele ruimte voor aanvullende projectsubsidies. Bij de invulling van dit flexibele programmeringsdeel is per 1 juli 2018 de Subsidieregeling collectieve erkenning van Indisch en Moluks Nederland opgezet. 

In het kader van 75 jaar einde van de Tweede Wereldoorlog heeft de staatssecretaris van het Ministerie van VWS de Tweede Kamer toegezegd de Indisch-Molukse gemeenschap te betrekken bij het voornemen van het Kabinet om na te gaan wat zij extra zou kunnen betekenen voor deze gemeenschap. Het Kabinet heeft inmiddels besloten om een extra bedrag van 20,4 miljoen euro beschikbaar te stellen voor de erkenning van de Indisch-Molukse gemeenschap.

In opdracht van het Ministerie van VWS heeft Panteia een raadpleging uitgevoerd om meer inzicht te krijgen in de behoeften van de brede Indisch-Molukse gemeenschap voor de invulling van deze extra middelen.

 

Het doel van het onderzoek is het ophalen van ideeën en behoeften voor de besteding van het extra geld in aansluiting op de collectieve erkenning van de brede Indisch-Molukse gemeenschap in Nederland. Het is hierbij de wens om zoveel mogelijk mensen die behoren tot de doelgroep, in de gelegenheid te stellen om mee te denken over de besteding van de extra middelen en niet zozeer de bedoeling om een perfect representatief beeld te schetsen.

Bij de raadpleging zijn de volgende onderzoeksvragen gehanteerd:

1. Welke (nieuwe) ideeën en behoeften leven er onder de brede Indisch-Molukse gemeenschap voor de besteding van de aanvullende middelen in lijn met de collectieve erkenning?
2. Welke (nieuwe) ideeën en behoeften leven er onder de brede Indisch-Molukse gemeenschap voor de besteding van de aanvullende middelen die afwijken van de collectieve erkenning?
3. Welke overeenkomsten en verschillen van mening zijn er ten aanzien van de besteding van de extra middelen tussen verschillende vertegenwoordigers van de Indisch-Molukse gemeenschap?

Trefwoorden: 
cultuur, erkenning, gezondheid, herdenkingen, Molukken, Onderzoek, opleidingen, zorgbehoefte